Banden zijn het enige contactpunt tussen uw auto en het wegdek. Toch vergeten veel automobilisten ze op tijd te wisselen of te controleren. In deze gids leggen we uit wanneer u uw banden moet wisselen, waar u op moet letten en hoe u kunt besparen op bandenslijtage.
1. De seizoenswissel: winter- en zomerbanden
Nederland kent vier seizoenen met sterk wisselende temperaturen. Daarom is het belangrijk om op het juiste moment te wisselen tussen zomer- en winterbanden.
Winterbanden erop
Wissel naar winterbanden wanneer de temperatuur structureel onder 7°C komt.
Zomerbanden erop
Wissel naar zomerbanden wanneer de temperatuur structureel boven 7°C komt.
Waarom 7°C? Bij temperaturen onder de 7°C wordt het rubber van zomerbanden hard, waardoor ze minder grip bieden. Winterbanden zijn gemaakt van een zachtere rubbersamenstelling die juist bij lage temperaturen optimaal werkt. Omgekeerd slijten winterbanden veel sneller bij warm weer.
2. Profieldiepte: wanneer zijn banden versleten?
De profieldiepte van uw banden bepaalt hoe goed ze water afvoeren en grip houden op nat wegdek. Nieuwe banden hebben een profieldiepte van circa 8 mm.
Goed
Voldoende profiel. Controleer bij volgende beurt.
Oppassen
Plan vervanging in. Remweg neemt toe bij regen.
Vervangen
Wettelijk niet toegestaan. Direct vervangen.
De euro-munttest
Geen profieldieptemeter bij de hand? Gebruik een €1 munt. Steek de munt in het profiel van uw band. De gouden rand van de munt is ongeveer 3 mm breed. Als u de volledige gouden rand kunt zien, is het profiel te laag en moeten de banden vervangen worden.
3. Slijtage-indicatoren (TWI)
Elke band heeft ingebouwde slijtage-indicatoren, ook wel TWI (Tread Wear Indicator) genoemd. Dit zijn kleine verhogingen in de groeven van het profiel, op 1,6 mm hoogte. Wanneer het loopvlak gelijk is met deze indicatoren, is de band wettelijk versleten.
U vindt de TWI-indicatoren door te zoeken naar kleine driehoekjes of de letters "TWI" op de zijkant van de band. Deze wijzen naar de plek in het profiel waar de indicator zit.
4. Leeftijd van de band: het DOT-nummer
Zelfs als het profiel nog goed is, veroudert rubber. Na verloop van tijd wordt het hard en brokkelig, wat de grip vermindert. Op elke band staat een DOT-code met de productiedatum.
Voorbeeld DOT-code
DOT ... 2523
De laatste vier cijfers geven de productiedatum: week 25 van 2023. Wij adviseren banden te vervangen die ouder zijn dan 6 jaar, ongeacht het profiel.
5. Signalen dat uw banden aan vervanging toe zijn
Trillingen in het stuur
Kan wijzen op ongebalanceerde of vervormde banden.
Auto trekt naar één kant
Mogelijk ongelijke slijtage door verkeerde uitlijning.
Langere remweg
Vooral op nat wegdek een teken van te weinig profiel.
Zichtbare beschadigingen
Bobbels, scheuren of snijwonden in de zijwand zijn gevaarlijk.
Ongelijke slijtage
De band slijt aan één kant meer — laat de uitlijning controleren.
6. Tips om uw banden langer mee te laten gaan
✅ Controleer de bandenspanning maandelijks
Te lage spanning veroorzaakt meer slijtage aan de randen. Te hoge spanning slijt het midden sneller.
✅ Laat jaarlijks de uitlijning controleren
Verkeerde uitlijning zorgt voor ongelijke en versnelde slijtage.
✅ Wissel de banden om
Door de banden om de 10.000 km te roteren (voor naar achter) slijten ze gelijkmatiger.
✅ Rij rustig op
Agressief optrekken en hard remmen versnelt de bandenslijtage aanzienlijk.
7. Zijn all-season banden een alternatief?
All-season banden zijn een compromis. Ze presteren redelijk in alle omstandigheden, maar nooit optimaal. Voor Nederland — met milde winters en natte zomers — zijn ze een acceptabel alternatief als u weinig kilometers maakt.
Voordelen all-season
- ✅ Geen wisselkosten
- ✅ Geen opslagkosten
- ✅ Altijd voorbereid op weer
Nadelen all-season
- ❌ Minder grip bij vorst/sneeuw
- ❌ Hogere slijtage in de zomer
- ❌ Langere remweg bij nat wegdek
